Artiestenregeling
1. Werknemers versus freelance artiesten:
- de Artiestenregeling 2001 geldt niet voor artiesten die reeds als artiest in gewone dienstbetrekking werken. Voor hen gelden de normale belastingregels voor werknemers. Voorbeelden hiervan zijn vaste dienstverbanden van musici bij orkesten en acteurs bij toneelgezelschappen.
- de Artiestenregeling 2001 geldt wel voor freelance artiesten die overeenkomsten van korte duur sluiten, d.w.z. van korter dan 3 maanden.
2. Uitzonderingen op de artiestenregeling
- de artiest kan een zelfstandigheidsverklaring (ZV) aanvragen bij de belastinginspecteur. Hij kan dan uitkoopsommen + 19% BTW in rekening brengen.
- de (leider van een) gezelschap artiesten kan een inhoudingsplichtigeverklaring (IPV) aanvragen bij de belastinginspecteur. Ook dan kunnen uitkoopsommen + 19% BTW in rekening gebracht worden.
- de Artiestenregeling 2001 geldt niet voor freelance artiesten die overeenkomsten van langere duur sluiten, d.w.z. langer dan 3 maanden. Zij kunnen bruto uitbetaald worden, zonder inhouding van loonbelasting.
- optredens die rechtstreeks zijn overeengekomen met een natuurlijke persoon t.b.v. van diens persoonlijke aangelegenheden blijven buiten de Artiestenregeling.
3. De heffingsgrondslag
- de loonbelasting wordt geheven van de gage van de artiest.
- tot de gage behoren naturaverstrekkingen, die worden meegeteld tegen de waarde in het economisch verkeer, én kostenvergoedingen.
- uitgezonderd zijn echter verstrekkingen van en vergoedingen voor maaltijden en consumpties.
4. De kostenvergoedingsbeschikking (KVB)
- de artiest kan de belastinginspecteur verzoeken om een kostenvergoedingsbeschikking (KVB), waarin toegestaan wordt dat naturaverstrekkingen én kostenvergoedingen alsnog onbelast kunnen worden verstrekt.
- de belastingsinspecteur toetst voor deze KVB tevens of de loonbelasting de latere inkomstenbelasting zal overtreffen.
- de binnenlandse artiesten stappen naar de eigen belastinginspecteur; voor buitenlandse artiesten is de Belastingdienst Buitenland in Heerlen bevoegd.
5. Het tarief loonbelasting- van de belastbare gage wordt 20% loonbelasting ingehouden. Dit tarief geldt zowel voor binnenlandse als buitenlandse artiesten.
- indien de gegevens van de artiesten ontbreken (naam, adres, kopie paspoort, werkvergunning) geldt het anoniementarief van 52% loonbelasting.
- indien de binnenlandse artiest over een KVB beschikt wordt het tarief loonbelasting op 32,25% (tarief eerste schijf) gesteld.
6. Latere afrekening in de inkomstenbelasting
- zowel binnenlandse als buitenlandse artiesten kunnen/moeten na afloop van het jaar aangifte inkomstenbelasting doen.
- het inkomen valt niet onder 'loon', maar onder 'resultaat uit overige werkzaamheden' of 'winst uit onderneming'. Hierdoor zijn de beroepskosten, incl. de belaste naturaverstrekkingen, alsnog aftrekbaar.
7. Bijzonderheden: de mogelijkheid om op de loonverdelingsverklaring zonder verdere onderbouwing te vermelden dat geen loon wordt toegekend aan de artiesten, wordt afgeschaft.
Dé oplossing voor amateurartiesten (in 2001)
De Artiestenregeling 2001 is aangenomen door het parlement; de loonverdelingsverklaring is afgeschaft.
Hierbij dé oplossing voor amateurartiesten:
- richt een vereniging of stichting op
- neem zelf plaats in het bestuur
- vraag een inhoudingsplichtigeverklaring (IPV) aan bij de belastinginspecteur (5 jaar geldig)
- bij optredens is de zaal/organisator door de IPV gevrijwaard van loonbelasting + premies. Vermeld het nummer van de IPV in het contract + maak een factuur voor het optreden + voeg daar een kopie van de IPV bij
- er is géén BTW-plicht bij een omzet tot fl 50.000 (o.g.v. Besluit 1 september 1999, nr. VB 99/1716)
- betaal alle onkosten vanuit de vereniging of stichting
- mocht er toch geld overblijven, dan kunnen de artiesten/bestuursleden nog een vrijwilligersvergoeding van fl 1.430 per jaar krijgen
-
houd een goede boekhouding bij, want de Belastingdienst kan komen controleren
Let op 1 !
Blijft er geld in de stichting zitten, dan kan het zijn dat de stichting vennootschapsbelasting moet betalen. Streef je echter een goed doel na (bijv. het versterken van de Limburgse Punkscene) dan wordt de stichting vrijgesteld van vennootschapsbelasting wanneer zij jaarlijks minder dan FL 13.000,- of per vijf jaar minder dan FL 65.000,- winst maakt.
Let op 2!
Speel je in een beginnende band en treed je jaarlijks zo'n 5 tot 10 keer op dan doe je er verstandig aan gewoon volgends de 20% regel te spelen. Je vraagt geen kostenvergoedingsbeschikking aan en laat je opdrachtgever (de zaal of het café waar je speelt) de belastingafdracht regelen. |