Bartels & Manders

Tijdens het leven uw onderneming (gedeeltelijk) overdragen

Algemeen
In het familiebedrijf is het vaak een absolute ‘must’ om reeds tijdens het leven maatregelen te treffen voor de bedrijfsopvolging. Een goed opvolgingsplan is bij een familiebedrijf onontbeerlijk. Hierdoor wordt de continuïteit van de onderneming gewaarborgd.

Door een tijdige overdracht van de onderneming kunnen de volgende voordelen worden gerealiseerd:
· bij de verdeling van de nalatenschap hoeft niet meer beslist te worden over de toekomst van de onderneming;
· de continuïteit van het (familie)bedrijf of kapitaal is gewaarborgd;
· de positie van de langstlevende én van het kind/bedrijfsopvolger is goed geregeld;
· en last but not least: besparing van successierechten (de toekomstige waardestijging van de onderneming blijft buiten de heffing).

Het aangaan van VOF
Als er een VOF (of maatschap) tussen vader en zoon bestaat, dan kan in de firma-akte een regeling worden getroffen voor de situatie bij overlijden (bijvoorbeeld door een verblijvens- of overnemingsbeding). Vanuit het oogpunt van estateplanning kan het aangaan van de VOF ook gunstig uitwerken. De nadien optredende waardevermeerdering van de onderneming komt immers (gedeeltelijk) al aan het kind toe. Hierdoor wordt bij het overlijden van vader successierecht bespaard.

Bij het aangaan van de VOF met zijn zoon (ieder 50% winstgerechtigd), staakt vader zijn onderneming gedeeltelijk (voor 50%). In beginsel is over de stakingswinst inkomstenbelasting verschuldigd. Onder bepaalde voorwaarden kan vader de onderneming geheel of gedeeltelijk ‘geruisloos’ - zonder fiscale afrekening - overdragen.

Een geruisloze doorschuiving is mogelijk wanneer de onderneming wordt overgedragen aan medeondernemers of personeelsleden die ten minste 36 maanden met de overdragende ondernemer hebben gewerkt of een samenwerkingsverband (vof, maatschap of cv) hebben gevormd. De fiscale boekwaarden van de onderneming worden alsdan voortgezet.

Degene aan wie wordt overgedragen, moet een 'echte' ondernemer zijn conform de definitie in de Wet IB 2001 (dus: 'rechtstreeks kunnen worden verbonden voor verbintenissen van de onderneming'). De overdrager mag ook medegerechtigde tot de onderneming zijn, dus bijvoorbeeld commanditaire vennoot.
Zo kan een ondernemer eerst besluiten commanditaire vennoot te worden (en daarmee zijn aansprakelijkheid beperken) om vervolgens - na drie jaar- zijn commanditaire deelname fiscaal geruisloos over te dragen aan de beherend vennoot. Ook kan een voorbehoud van goodwill en stille reserves worden gemaakt zodat belastingheffing kan worden voorkomen.

Positie overige erfgenamen
Bij het aangaan van de VOF zal de zoon in overleg met zijn vader bepalen hoe (en op welke termijn) de overnamesom zal moeten worden betaald. Wordt de koopsom schuldig gebleven, dan vererft bij het overlijden van vader alleen de vordering op het kind. De overige erfgenamen zijn in beginsel gebonden aan de eerdere overdracht van de onderneming. Zij moeten de leningsvoorwaarden accepteren. Bij een te lage overdrachtsprijs kan de legitieme portie van de overige kinderen mogelijk zijn geschonden. De zoon loopt in dat geval het risico dat de overige kinderen de overdracht van de onderneming aantasten met een beroep op hun legitieme.

Al met al kan de (gedeeltelijke) overdracht van uw onderneming aan uw kinderen kan reeds nu vruchten afwerpen.

Column